Beenmergpunctie

Het beenmergonderzoek is belangrijk om een bloedziekte te kunnen opsporen (diagnose) en om te kunnen beoordelen of een behandeling resultaat heeft. Het beenmerg zorgt voor de vorming van onze bloedcellen. Het beenmerg bevindt zich in het binnenste deel van de beenderen. In het beenmerg bevinden zich de moeder- of stamcellen van de bloedcellen.

Deze stamcellen groeien uit tot rijpe bloedcellen die dan afgegeven worden aan de bloedbaan.  Dit gebeurt naargelang de behoefte van ons lichaam. Bij volwassenen wordt het beenmerg vooral aangemaakt in het bekken, de ribben, het borstbeen en de schedel.  Beenmerg is rood van kleur.

Tijdens een beenmergpunctie wordt beenmerg weggenomen uit het borstbeen of uit de rand van het bekken. De arts zal eerst de plaats van de punctie verdoven. Daarna wordt met een holle naald geprikt tot in het beenmerg. Er wordt een kleine hoeveelheid merg opgezogen. Dit kan even pijn veroorzaken. Het beenmerg wordt op verschillende glaasjes uitgestreken om onder de microscoop te onderzoeken. Afgenomen beenmerg kan gekweekt worden om het groeigedrag en de groeicapaciteit te bepalen. Men kan ook het erfelijk materiaal van de celkernen onderzoeken (chromosomenonderzoek).

Vaak dient ook een klein stukje bot genomen te worden via dezelfde naald (botbiopt) om door de patholoog te onderzoeken.

CT-scan (computer-tomografie)

Het doel van het onderzoek is om met behulp van röntgenstralen te kijken of er afwijkingen zijn in de organen van het lichaam.

Er worden heel gedetailleerde afbeeldingen gemaakt van dwarsdoorsneden van het lichaam. 
Als u een scan moet krijgen kom je op een beweegbare tafel te liggen die langzaam door een ronddraaiende scanner schuift.  Bij een CT-scan wordt dikwijls gebruikt gemaakt van contraststof, die u ofwel moet drinken of die via een ader wordt ingespoten.  Contraststof die wordt ingespoten via een ader kan u een warm gevoel geven.
Bij allergie voor contraststof dient u dit te melden voor het onderzoek.

Een CT-scan is niet pijnlijk. Het is wel belangrijk dat je stil blijft liggen tijdens het onderzoek.  Het idee dat je volledig in een buis terecht komt is onterecht, alleen het deel dat moet gescand worden ligt in de opening van het toestel.

Magnetische Resonantie (NMR/MRI)

Magnetische Resonantie is een techniek die beelden vormt door middel van radiogolven in een sterk magnetisch veld. Deze techniek is zeer veilig, kan doorsneden maken in alle vlakken in de ruimte en is bijzonder geschikt voor onderzoek van het ruggenmerg, de hersenen, de botten en weke delen (spieren, ligamenten, enz. ...).

PET-scan (positron emissie tomografie)

Met een PET-scan kan men de plaatsen opsporen waar een verhoogde stofwisseling is.  Men kan bijvoorbeeld op een PET-scan zien of er ziekteactiviteit is in een lymfeklier.  Dit in tegenstelling met een CT-scan.  Met een CT-scan is die lymfeklier ook zichtbaar maar men kan niet zeggen of die lymfeklier actief is of niet.

In het ziekenhuis kunnen ook PET/CT onderzoeken uitgevoerd worden waarbij de twee onderzoeken in combinatie gebeuren om zo beide beelden te kunnen vergelijken. Bij het CT-onderzoek wordt dan geen contrast gebruikt.

Met een PET-scan worden foto’s gemaakt na inspuiting van een kleine hoeveelheid radioactieve stof in een ader in de arm.  Omdat de radioactieve stof een bepaald lichaamsdeel moet bereiken, moet enige tijd gewacht worden.

De gammastralen die uw lichaam nu uitstraalt worden vervolgens geregistreerd door een gammacamera.  Het is belangrijk dat u goed stil blijft liggen tijdens de opnamen.  Met behulp van een computer worden de opgenomen gegevens geregistreerd en verwerkt tot foto’s.  De hoeveelheid radioactieve stof is zeer gering en niet gevaarlijk voor u of uw omgeving!

X
Laden